Geheimen | PastoraatWijzer helpt je in het pastoraat hij heeft geen vrouwenvlees

Geheimen 14 september 2016 door Redactie PastoraatWijzer Blog Een blog van Margriet van der Kooi, naar aanleiding van haar nieuwe boek   Het kleine meisje van de hoop waarin zij verslag doet van bijzondere ontmoetingen en gesprekken in het pastoraat. 

Het duurde lang voordat de man tevoorschijn kwam. Hij had om mijn komst gevraagd, de verpleegkundige van de afdeling cardiologie vond het een goed idee. `Hij ziet erg tegen de operatie op’, had ze gezegd, ‘hij zei dat hij eerst naar huis wilde. Maar dat is te riskant. Goed dat hij wat van zich kan afpraten.’

Maar het ging helemaal niet om de operatie. Niet dat dat meteen ter sprake kwam. Hij maakte lange tijd omtrekkende bewegingen. Het leek een beetje in- en uitpraten, over zijn vrouw, zijn hond, de kerk waar hij niet meer kwam, omdat het kerkgebouw waar hij gedoopt en getrouwd was verkocht was omdat het teveel kostte. Het ging over de dokter en het eten. Het leek alsof hij me aan het uitproberen was en ik vroeg me af hoe ik het gesprek kon vlot trekken, want het leek alsof er iets op het spel stond. ‘Vindt u het prettiger om een andere plek op te zoeken?’ vroeg ik, want als het waar was dat er iets op het spel stond, zou het ook kunnen zijn dat hij zich verborgen hield voor andere oren. Je begint een gesprek niet met de vraag of er een andere ruimte gezocht moet worden, alsof je vindt dat het gesprek over grote dingen moet gaan, terwijl je elkaar nog niet eens kent. Het is dus nodig om de moed te hebben om onderweg een gesprek maar te vragen: is dit wel een goede setting voor u voor dit gesprek?

Gelukkig dat ik het vroeg. Hij zei onmiddellijk dat dat goed was. In de familiekamer waar de muren geen oren hebben, kwam de eigenlijke reden voor zijn verzoek om een gesprek eruit: hij maakte zich grote zorgen voor als hij niet uit de operatie kwam. ‘Niet dat ik het erg vind als ik dood zou gaan, maar wat gaan ze dan met mijn computer doen’.

‘U maakt zich zorgen over wat daarop staat?’ ried ik. Hij knikte bedrukt. ‘Ik heb pas gehoord dat ze alles wat je op de computer aanklikt kunnen terug vinden. En dat wil ik niet.’

‘Vertel maar’, zei ik.

‘Ik wil eerst naar huis. Dan kan ik die computer wegmaken. Ik wil niet dat mijn vrouw, of mijn zoon mijn leven openmaakt. Ik heb sites bekeken…dat zouden ze niet begrijpen…heus niet elke dag, maar vaak genoeg…u zal dat wel verkeerd vinden, en God misschien, maar daar kan ik me nu even niet druk over maken. Aan God kan ik het wel uitleggen ook, denk ik. Hij heeft zelf zoveel schoonheid geschapen, Hij zal er zelf ook plezier aan beleefd hebben om mooie mensen te maken. Maar mijn vrouw zal mijn foto niet eens meer op de schoorsteenmantel willen zetten als ze daarachter komt, en mijn zoon die is zo’n precieze man, zo principieel. Daar zit geen vrouwenvlees aan. Wat dat is in ons gezin! Ik vind vrouwen prachtig, zacht, en mooi, maar dat kan ik niet zeggen, dat is meteen vies. Ik ben geen vieze man. Maar als ze erachter komen wat ik heb aangeklikt, ik wist niet dat dat allemaal terug te vinden is. Ik hoorde dat pas van de week. Ik probeer de dokter zover te krijgen dat ik nog even naar huis mag, maar hij zegt dat dat dat onverantwoord zou zijn. Ik zeg natuurlijk niet waarom, zo’n man zal wel denken. Misschien wil hij zo iemand niet eens meer laten opereren. Maar nu lig ik er wakker van. Stel je voor dat ik in die operatie blijf, en dat ze mijn computer openmaken. Ik schaam me dood. Dat ben ik dan al, dus u zal zeggen wat geeft het’.

‘Dat zeg ik niet’ zei ik. ‘het geeft, want u ligt er wakker van. U voelt zich open en bloot te kijk. Dat moet heel onveilig voelen. Wat is er nodig dat u rustig de operatie in kan gaan?’

Hij keek mismoedig. ‘Ik weet het niet, ik heb me suf gepiekerd. Ik dacht vannacht; ik trek mijn jas aan en loop naar huis. Ik heb de sleutel in mijn laadje, ik kan dus naar binnen. Mijn vrouw slaapt altijd heel diep, ze zou niet wakker worden als ik die computer pak en in de sloot voor ons huis gooi. Ik dacht; dan loop ik weer terug en stap hier in bed. Niemand hoeft het te merken. Ik was al beneden, maar ik had geen adem meer. Het lukt me niet’.

‘Heeft u een vriend of broer…’ zei ik. Hij schudde zijn hoofd. ‘Mijn beste vriend is vorig jaar gestorven. Wij begrepen elkaar. We kenden elkaar al vanaf de lagere school. We waren geen vieze mannen, we waren verliefd op dezelfde meisjes. We hielden van mooie dingen, en van mooie zachte vrouwen. Hij trouwde er zo één. Het was niet vies, echt niet.’

Ik geloofde hem op zijn woord. Wat gevaar. Hij vreesde de waarschuwing van George Orwell* meer dan God. Big Brother is watching you , het verschrikkelijke systeem waarin niets meer verborgen kan blijven. ‘Aan God kan ik het wel uitleggen’, had hij gezegd, ‘aan de mensen niet’.

‘Ik stel voor dat u een wilsbeschikking schrijft’, zei ik. ‘Daarin zegt u dat in geval u iets overkomt u uw computer aan mij ter beschikking stelt. Ik beloof u dat ik, mocht u niet uit de operatie komen, die computer ophaal en meteen vernietig. Ik heb een vriend die weet hoe dat moet. En ik heb een ambtsgeheim.’

We zijn veiliger bij God, die ons kent zoals we zijn, dan bij de mensen. Ik sta in Zijn dienst.

 

* 1984  is een boek van de Britse schrijver  George Orwell , Het is een beroemde  dystopie  (tegenovergestelde van utopie), een visie op de westerse wereld anno  1984 , waa izreqdwv. De mannen van 6 cm.rin de enkeling ten onder gaat in een volkomen kansloze strijd tegen een totalitair bewind. Het is een waarschuwing tegen totalitaire regimes.

Tags: geheimen , God , pastoraat , van der Kooi , veiligheid


hij heeft geen vrouwenvlees

hij heeft veel vrouwen gehad
Zwarte laarzen.
lederen laarzen sale
timberland schoenen kopen
iedereen beroemd Op deze manier worden islamitische wijken in Nederland in rap tempo steeds groter. Ze verplichten door hun parasitaire gedrag overheden, Albertheijn, LIDL, DirkVandenBroek managers via de belastingbetaler, zelf de ondergang te subsidiëren van het land dat ze hebben geadopteerd. Dat is de grootste gevaar:door het import van nog meer Moslims die niet voor arbeid inzetbaar zijn, gaat dit land ten onder.    

Beantwoorden guillaume , on september 28, 2012 at 3:20 pm said:

Waar haalt Josh dat Jezus liefdevol is, deze mythische Jezus citeert 15 keren de hel waarin hij ons eeuwig wil roosteren en gebruiken als “brandhout”, en dan komt Jos aandraven met een andere goeroe in wiens naam 16 eeuwen werd gemarteld, gedood, gevierendeeld, en eeuwen Inquisitie. Heeft u nooit het Evangelie gelezen? ziehier enige uittreksel en zeg mij waar de de liefdevolle Jezus erin vindt: In de Evangeliën preekt de mythische goeroe Jezus haat tegen ongelovigen, hij prijst slavernij, hij verspreidt antisemitisme (alhoewel hij zelf een Jood is volgens deze mythe). Hij zegt in de Evangeliën Maar deze vijanden van mij, die niet wilden dat ik koning over hen zou zijn, breng ze hier en sla ze hier voor mijn ogen dood. Nadat Jezus dit gezegd had, reisde Hij voor hen uit en ging naar Jeruzalem.(Lucas 19,27-28”). Denk niet dat ik ben gekomen om vrede op aarde te brengen. Neen, eerder een zwaard. Ik ben gekomen om verdeeldheid te brengen tussen vader en zoon, tussen moeder en dochter, tussen schoonmoeder en schoondochter (Matt. 10:34-35) Jezus zegt: De slaaf, die de wil van zijn meester kent, maar die zich niet volgens zijn wil heeft voorbereid of gehandeld, hij zal veel slaag krijgen, zo hij hem echter niet kent, en dingen doet, die slaag verdienen, zal hij slechts weinig slaag krijgen (Lukas 12, 43-48). Werpt den onbruikbare knecht (slaaf) naar buiten de duisternis in, daar zal geween zijn en geknars der tanden (Mattheus 25,21-30 zie talenten). Ik ben gekomen om vuur op de aarde te brengen, en hoe wens ik dat het reeds brandt (Lukas 12,49)0 Hij dreef de duivels uit (1-38). -53).Deze mythische Jezus zegt in het Evangelie dat wij eeuwig als brandhout zullen dienen in de hel, als we niet in hem gevolgen. Daarom zegt Victor hugo “A en croire les religions, Dieu est un rôtisseur ».”Gelukkig hij, die uw kinderen zal grijpen en tegen de rots verpletteren.” (Psalm 137:9). Paus Leon X (1475-1512) zei: ” Men weet, sinds onheuglijke tijden, hoeveel deze fabel van Jezus Christus voor ons en onze naasten winstgevend is geweest. (Quantum nobis nostrisque ea de Christo fabula profuerit, satis est omnibus seculis notum.]. De paus Paulus III (1534-1549) zei aan de hertog Mendoza (Ambassadeur van Spanje): Aangezien ik geen enkel bewijs vond van de historische realiteit van Jezus Christus, van de christelijke legende, was ik verplicht te concluderen dat het nog een mythische Zonnekoning meer is. (Les lourds secrets du Golgotha – Robert Ambelain). Het is dus nuttig dat de mensen eens nadenken over een God die zijn “Zoon” opoffert om zonden te kunnen vergeven? God de Vader zegt in de criminogene Bijbel: dood de bruiden die niet-maag zijn (Deut. 22:13,14,20-21) , dood de overspeligen (Lev. 20:10), dood de homeksuelen (Leviticus 18:22 en 20:13), dood onbesneden mannen (Genesis 17:14) dood hij wie seks heeft met menstruerende vrouw (Leviticus 20:18) dood wie gedesemd brood eet (Deut. 19:18) dood blasfemisten (Lev. 24:16),dood overspeligen, enz. Wie doet wat God zegt in de heilige criminogene boeken, wordt de grootste misdadiger die er op de wereld rondloopt. Jezus zegt in het Evangelie dat hij is gekomen om de Wet (O.T) van zijn Vader uit te voeren en er geen yota aan te wijzigen

Beantwoorden Josh , on september 28, 2012 at 3:46 pm said:

Hahaha. Nou, gelukkig dan maar dat Jezus een mythische figuur is, dan hoeven we zijn woorden niet serieus te nemen. Wel even een enkele opmerking. De mythische Jezus zei de wet te komen vervullen en zelf gaf Hij aan verschillende wetten een andere draai. Dus er is continuïteit en discontinuïteit. Daarom kan je Jezus nooit op laten draaien voor alle ‘stoute’ dingen in het Oude Testament. Verder haal je gelijkenissen van Jezus aan om zijn bloeddorstigheid te staven. Dat is flauw, want Jezus gebruikt hyperbool (= literaire stijlfiguur van overdrijving). Inderdaad is de mythische Jezus wel een controversiële figuur: hij brengt verdeeldheid (metafoor van het zwaard) en waarschuwt hypocrieten dat het met hen slecht af zal lopen (hel = gehenna = vuilstortplaats buiten Jeruzalem; opnieuw metafoor; hoewel het best mogelijk is dat God hyocriete mensen in het hiernamaals zal oordelen). Nou dat was het wel zo’n beetje. Gelukkig maar dat Jezus een mythe is. Waar maak je je zo druk om? Waarom moet je zonodig argumenten aandragen die aantonen dat Jezus een fout mannetje was? Kun je niet beter historische argumenten aandragen om zijn onhistorische waarschijnlijkheid te bepleiten? Dat lijkt me vel vruchtbaarder. Ik doe toch ook geen moeite om aan te tonen dat Zeus een rokkenjager was?

Geef een reactie Reactie annuleren Vul je reactie hier in ...

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

E-mailadres (verplicht) (Adres wordt niet getoond) Naam (verplicht) Website Je reageert onder je WordPress.com account. (  Log uit  /  Bijwerken  )

Je reageert onder je Twitter account. (  Log uit  /  Bijwerken  )

Je reageert onder je Facebook account. (  Log uit  /  Bijwerken  )

Je reageert onder je Google+ account. (  Log uit  /  Bijwerken  )

Annuleren

Verbinden met %s

Houd me via e-mail op de hoogte van nieuwe reacties.

Apologia Christi Mijn engelstalige blog

Blogdata juli 2009 Z M D W D V Z « Jun   Aug »   1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31   Meld je aan

Meld je aan met je emailadres om bericht te ontvangen wanneer er een nieuwe post is.

Doe mee met 21 andere volgers

Apologeet op Twitter Apologeet op Twitter Sinds 31/5/09 52,586 bezoekers Top Clicks Geen Top Posts Update Artikelen Populairste categorieën abortus apologetiek artikel atheïsme column cultuuranalyse dwaling epistemologie evolutie filosofie gedachte geestelijk leven intelligent design islam kerk media moreel relativisme natuurlijke theologie nieuwsflits opinie opinieartikel overheid polemiek politiek religie satire seksualiteit theologie Uncategorized zingeving Actualiteit Albert Mohler Cranmer Wintery Knight apologetiek Apologetics 315 Be Thinking Bethinking In Christus James White Links2Life Reasonable Faith The Constructive Curmudgeon Bevriende sites CIP De Getuige Habakuk Whitefield Stichting Nieuwe calvinisten Between Two Worlds John Piper Mark Driscoll Overige nadenkers Anathema Anton de Wit Bitter Lemon Columchrist theologie Faith and Evolution Gospel Coalition Johanthan Edwards Monergism Meta Registreren Inloggen Berichten RSS Reacties RSS WordPress.com Mijn engelstalige blog Apologia Christi

Maak een gratis website of blog op WordPress.com. WP Designer.

Overzicht De krant van: Terug naar de krant Fullscreen Overzicht Direct naar NRC Binnenland Buitenland Economie Cultuur Sport Opinie Wetenschap Tech & Media Meer Secties Boeken Hoofdredacteur Klimaat Recht & Onrecht Ombudsman In beeld Lifestyle Onderwijs Een man, een kind en gezelligheid; Detective-achtige liefdesroman van Dorinde van Oort

Dorinde van Oort: Vrouwenvlees. Uitg. De Arbeiderspers, 208 blz. Prijs ƒ 29,90.

Janet Luis 4 september 1992

Sinds Adriaan van Dis erover schreef is Mozambique voor de tienduizenden Nederlanders die hem in de geest nareisden, een vertrouwd, maar weinig vertrouwenwekkend deel van Afrika geworden. Mozambique is het land van de even zinloze als moorddadige burgeroorlog, van de strijd tussen soldaten en bandieten die steeds meer op elkaar beginnen te lijken, van jeugd zonder toekomst en van mensen met afgesneden oren en neuzen.

Het is moeilijk te zeggen of hij voor schrijvers die zich ook nog eens aan Mozambique wilden wagen het pad geëffend heeft of juist onbegaanbaar gemaakt. Want hij heeft ons weliswaar ontvankelijk gemaakt voor dit betreurenswaardige land, maar er tegelijkertijd zo'n persoonlijk en daardoor onvergetelijk beeld van gegeven, dat men van goeden huize moet komen om het weer over te kunnen schilderen.

In haar tweede boek, Vrouwenvlees, dat zich afspeelt in en om Maputo, de hoofdstad van Mozambique, doet Dorinde van Oort een dappere poging daartoe. Zij maakte het zich lastiger dan Van Dis, omdat zij niet voor een helder uitgangspunt koos, de beschrijving van een bestaande of historische situatie, maar voor een veelkleurig verhaal waarin harde realiteit en literaire verbeelding allebei mee mogen doen, met de nadruk op het laatste. Vrouwenvlees is geen politieke of journalistieke documentaire, maar een detective-achtige liefdesroman, met op de achtergrond de nodige politieke verwikkelingen. Anders dan Van Dis situeerde zij haar roman niet in het Mozambikaanse heden, maar in 1977, zodat je er dus ook nog een voorloper van In Afrika in kunt zien.

Het is twee jaar na de revolutie. Mozambique heeft zich bevrijd van de Portugese overheersing en het Frelimo, de marxistische staatspartij is aan de macht. Van een burgeroorlog is in het boek nog geen sprake, al valt er wel al onderdrukt gemor te beluisteren over het nieuwe regime. Bij gebrek aan goed opgeleide Mozambikanen zijn er nog steeds veel Portugezen en andere Europeanen aan het werk op belangrijke posten, die maar al te graag misbruik maken van hun machtspositie.

Gezelligheid

Dit is het politieke decor waartegen Van Oort haar verhaal plaatst. Het verhaal is even simpel als ingewikkeld. De 27-jarige heldin Elize lijkt nogal op de vrouwelijke hoofdpersonen uit Van Oorts debuutbundel Meisje voor halve nachten (1989). Naast bescheiden maatschappelijke ambities heeft zij maar één verlangen: zij wil een man, een kind en een bestaan vol huiselijk geluk en gezelligheid. Maar net als die andere meisjes en vrouwen zit het haar niet mee. Ze laat plompverloren het veilige Amsterdam achter zich om Ferdinand te volgen naar Mozambique. Al gauw vraagt ze zich echter af of hij wel ”de lang verlangde, de witte koning van haar dromen' is. Een terechte vraag, want deze patholoog-anatoom, die niet voor niets als bijnaam Blauwbaard heeft, kan beter met vrouwenvlees dan met vrouwen overweg, zoals hij zich ook beter op zijn gemak voelt tussen geprepareerde lijken dan tussen levende wezens. Veel gezelligheid is er voor haar in Mozambique niet weggelegd en ook het langverwachte kind blijft uit. Een treurige geschiedenis kortom, al laat Van Oort ons nog enige hoop op toekomstig levensgeluk voor haar veelgeplaagde hoofdpersoon.

Zo eenvoudig als ik de zaak hier voorstel, zit Vrouwenvlees intussen niet in elkaar. Een flink aantal vragen blijft onbeantwoord, zoals het een roman met detective-inslag misschien ook betaamt. Wat de titel precies te betekenen heeft, zou ik bijvoorbeeld niet weten, al moet het wel iets te maken hebben met het lijk van een om politieke redenen vermoord meisje, dat (in ”verzeepte' toestand) als een griezelig spook door de roman waart. Merkwaardig is ook de positie van Ferdinand in deze vrouwenvleeskwestie. De suggestie wordt gewekt dat hij zich buitengewoon verlustigt in borsten en billen, maar hij krijgt ook geheime homoseksuele neigingen toebedeeld. Des te raadselachtiger is het wat Elize ziet in deze figuur die haar onveranderlijk kleinerend toespreekt.

Ondubbelzinnig en erg geestig is daarentegen de beschrijving van de bureaucratische beslommeringen waarin Mozambique na de revolutie verzeild is geraakt. Er wordt in Maputo nauwelijks meer iets nuttigs gedaan, maar vergaderd wordt er des te meer. Op een ”reunião' of ”comissão' mag geen ”elemento' of ”camarada' ontbreken, op straffe van disciplinaire maatregelen. Dergelijke bijeenkomsten die tot een nog grotere efficiency, taakverdeling en groepsdynamiek moeten leiden, worden belangrijker geacht dan het werk zelf, dat er dan ook ernstig door in de verdrukking komt. De verwarring en chaos die hiervan het gevolg zijn, weet Van Oort overtuigend op te roepen.

Verstrikken

Het is jammer dat zij op deze politieke achtergronden niet wat dieper is ingegaan, in plaats van zich te verstrikken in veel te veel verhaaldraden, nevenintriges en motieven. Zij verduisteren niet alleen het zicht op de roman, maar leiden ook vanzelf tot de vraag wat er nu eigenlijk mee aangetoond wil worden. De lotgevallen van een postrevolutionair land op de rand van nieuwe troebelen? De lotgevallen van een Europese enclave die haar leven zo langzamerhand ook niet meer helemaal zeker is? De lotgevallen van één vrouw die zich nergens thuis voelt: niet in haar huwelijk, niet in de Europese enclave en ook niet in Mozambique? Ik denk dat Van Oort aan dit alles min of meer recht heeft willen doen en zelfs nog meer dan dat. Want ook ”het leven' komt in Vrouwenvlees aan de orde. In een door de hele roman heen volgehouden, maar nogal opgelegde metafoor wordt het leven voorgesteld als een schaakspel. In dat schaakspel figureren witte en zwarte koningen, raadsheren, dames, torens, paarden en pionnen, maar de stukken worden door een onzichtbare hand bestuurd. Niemand heeft er greep op. “Wie is wit hier, wie zwart? Wie rechts, wie links? De partijen lopen door elkaar. Is ze nog wel de witte dame, of toch weer de pion? Maar ze zitten in het middenspel, dan zijn van geen enkele zet de consequenties meer te overzien.”

Als willoze speler heeft men geen zicht op de partij, op de drijfveren van mede- en tegenstanders, en dus ook niet op verlies of winst. Een onbestuurbaar schaakspel: het is ook een mooi beeld voor een roman die zelf niet helemaal gerust lijkt op een goede afloop.